Colleges voorjaarssemester / Courses Spring semester
Link: https://studiegids.leidenuniv.nl/studies/show/1440/wereldgodsdiensten-christendom
Drie bachelorcolleges die voor dit voorjaar op de rol staan (vanaf week 6)
Geschiedenis van het christendom: Een brede inleiding in de geschiedenis van het wereldwijde christendom, in oost en west, noord en zuid, orthodox, katholiek, protestants en pinkster. Zie verder: https://studiegids.leidenuniv.nl/courses/show/27709/geschiedenis_van_het_christendom
Rituelen en symbolen van het christendom: hoe wordt dat wereldwijde christendom vormgegeven? In Nederland (op heel veel verschillende manieren) en daarbuiten? Zie verder: https://studiegids.leidenuniv.nl/courses/show/27973/rituelen_en_symbolen_van_het_christendom
Global Christianity: A closer look at global Christianity, focusing on the whens, wheres and whys of this huge diversity (Orthodox, Catholic, Protestant and Pentecostal) through the lens of their reprsentations on the world wide web. Just as important, the class analyzes current theories and methods in the study of global Christianity.
See: https://studiegids.leidenuniv.nl/courses/show/27974/werkcollege_wereldchristendom
Meld je aan via USIS en Blackboard (Leidse studenten), of eerst als toehoorder en daarna in ieder geval ook in Blackboard (http://hum.leidenuniv.nl/godsdienstwetenschappen/aanstaandestudenten/toehoorders-cursussen/toehoordersonderwijs/algemene-informatie.html)
Arabic and its Alternatives: Religious Minorities in the Formative Years of the Modern Middle East (1920-1950)
Picture: Ceiling of the Church of Mary, Reginae Palaestinae, Deir Rafat, Israel
Last December, the Dutch Organization for Scientific Research decided to fund a research project that I submitted together with Dr. Karene Sanchez from the Leiden Centre for Linguistics (LUCL). The project plans to start in June, when, hopefully, two Ph.D. students (for the two Iraq case studies - Jews in Baghdad and Christians in North-Iraq) will have joined the team. Those interested in these positions are adviced to regularly check the website Academic Transfer (http://www.academictransfer.com/) where these positions will be posted soon. For a Dutch summary of the project, see the previous post.
For the time being, updates on the project will be posted via this weblog; a separate site will be created later this year.
Project summary
This project aims to revisit the ways in which religious minorities in the Middle East participated in, contributed to, and opposed the Arab nationalism of the post-war years, when the British and French ruled the region via the Mandates. This period of societal modernization and competing nationalisms saw the emergence of new political structures that would define the Middle East for most of the twentieth century. While Arabic nationalism, predicated as it was on the Arabic language more than on Islam, was seen as a positive development by many Arabic-speaking Jews and Christians, others showed increasing uneasiness with its ramifications. This was more specifically the case among those non-Muslims that in addition to Arabic highly valued other languages, such as Syriac, Hebrew and Armenian, but also English and French. Would participation in Arab nationalism also imply giving up the allegiances symbolized by these languages?
Three case studies, into the Jews of Baghdad, the Syriac Christians of North Iraq and the Catholic Christians of Palestine, form the starting point of an inquiry into the linguistic practices and language ideologies of these religiously-defined minorities. How and why did they choose to use Arabic, and how and why did they prefer other languages? What was the role of religious elites, both local and foreign (such as missionaries) and how were their ideas picked up by others in the respective communities? How were these choices related to the strength of competing nationalisms (e.g., Zionist, Assyrian), to theological and ecclesial considerations (e.g., Catholic universalism versus Orthodox particularism?) and to global, local and regional alliances?
A more general analysis of the role of these non-Muslim minorities in the formative years of the Middle East will follow upon the study of these three particular cases. This in-depth analysis, informed by a network of international experts, expects to modify not only the sometimes all too straightforward accounts of Arab nationalism, but also the concept of religious and ethnic minorities itself, since language, in its practical and symbolic components, may well reflect a reality that blurs rather than underlines the seemingly sharp dividing lines between religious and national identities.
Arabisch of iets anders? Joden en christenen in het moderne Midden-Oosten (1920-1950)
Link: http://hum.leiden.edu/lucl/organisation/members/sanchezk.html
Afgelopen december heeft de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek mij een subsidie toegekend om het onderstaande onderzoeksproject uit te gaan voeren. Ik zal dat gaan doen samen met dr. Karene Sanchez van het Leids Centrum voor Taalkunde (LUCL), een specialist op het gebied van de koloniale geschiedenis in het Midden-Oosten - zie de link hierboven. Binnenkort zullen advertenties verschijnen om twee promovendi aan het project toe te voegen, voor de twee case studies die Irak betreffen: de joodse gemeenschap in Bagdad en de Syrische christenen in Noord-Irak. Geinteresseerden wordt geadviseerd de vacaturesite van de Universiteit Leiden en de algemene site van Academic Transfer in de gaten te houden.
De komende maanden zal nieuws over dit project via dit weblog gepost worden, later dit jaar zal een eigen weblog worden aangemaakt.
Arabisch of iets anders? Joden en christenen in het moderne Midden-Oosten (1920-1950)
De jaren na Eerste Wereldoorlog (1914-1918) waren cruciaal voor de vorming van de moderne Arabische staten in het Midden-Oosten. De voormalige Arabische provincies van het Osmaanse Rijk waren onder Brits en Frans mandaat gesteld in de veronderstelling dat deze koloniale machten de landen zou begeleiden naar onafhankelijkheid. Hoe die nieuwe staten eruit zouden komen te zien was echter onderwerp van felle discussies, met name over de inhoud en grenzen van het Arabisch nationalisme. In een nationalisme dat volgens vele betrokkenen vooral door de Arabische taal gedefinieerd was zouden niet-islamitische minderheden een belangrijke rol kunnen spelen, ja, daarmee zelfs hun minderheidspositie kunnen kwijtraken. Maar zowel binnen de kringen van de Arabische nationalisten (waaronder verschillende prominente christenen) als van de verschillende minderheden was deze prioritering van taal boven religie allerminst vanzelfsprekend. Dit leidde soms tot een impliciete gelijkstelling van ‘Arabisch’ met ‘islamitisch’, of, in pan-islamitische ideologieën, tot expliciete prioritering van religie boven taal. In beide gevallen werden daarmee joden en christenen opnieuw tot minderheid gemaakt, ondanks hun eventuele Arabischtaligheid. Maar ook de versie van Arabisch nationalisme die consequent vasthield aan de prioritering van taal was niet onproblematisch: daarmee werden niet alleen belangrijke islamitische groepen als de Koerden uitgesloten van staten als Syrië en Irak, maar ook religieuze minderheden die andere talen minstens zo hoog hielden als Arabisch, zoals de Armeense en Syrische christenen in Syrië en Irak en de groeiende Joodse gemeenschap in Palestina. Daarnaast waren er vele christenen die als gevolg van westerse educatie en verbondenheid met katholieke of protestantse kerken naast Arabisch, westerse talen als Frans en Engels als belangrijk deel van hun sociale en religieuze identiteit zagen.
Dit onderzoek zal deze tot nu toe nauwelijks onderzochte breuklijnen van het Arabisch nationalisme bestuderen aan de hand van drie minderheidsgroepen in de Britse Mandaatsgebieden: de Joden in Bagdad, de Syrische christenen in Noord-Irak en de katholieke christenen in Palestina. De grotendeels Arabischtalige joodse gemeenschap van Bagdad werd tussen 1920 en 1950 geconfronteerd met het groeiende belang van Hebreeuws enerzijds en de steeds moeizamere participatie in het Irakese Arabisch nationalisme anderzijds. De Syrische christenen in het noorden van Irak die naast Arabisch ook Syrisch spraken en schreven (meestal in een moderne variant), hadden te maken met een vergelijkbare spanning tussen Arabisch en Syrisch (‘Assyrisch’) nationalisme, die, meer dan in de joodse gemeenschap, langs denominationele lijnen binnen de gemeenschap uitgevochten werd. Hoewel bij deze twee groepen ook enige spanning tussen lokale oriëntaties en die op globale gemeenschappen (kerkelijk of politiek) zichtbaar werden, was deze bijzonder prominent bij de katholieke christenen in Palestina. Hun verwevenheid met katholieke opleidingsinstituten en de Roomskatholieke Kerk was zodanig dat hun participatie in het Arabisch nationalisme allerminst vanzelfsprekend was, ondanks het feit dat juist vele van de Arabisch-Palestijnse nationalisten op deze katholieke scholen hun vorming hadden ontvangen.
Uitgaande van een rijke hoeveelheid schriftelijke bronnen zoals archieven, kranten, boeken en pamfletten die uit deze periode bewaard zijn gebleven, zal dit onderzoek zich concentreren op zowel de praktijk van taalgebruik binnen deze gemeenschappen als op de ideologieën die ingezet werden om de eigen gemeenschappen te overtuigen van het belang van de ene of andere taal. In de tweede fase van het onderzoek zal vanuit de drie case studies een vergelijking worden gemaakt met gelijktijdige ontwikkelingen in de taalsituatie van andere religieuze minderheden waarnaar veelal al meer onderzoek is gedaan, zoals naar de Armeniërs in Syrië en de Maronieten in Libanon. Hierbij kunnen dan meteen ook eventuele verschillen tussen de Britse en Franse mandaatspolitiek met betrekking tot de religieuze minderheden aan de orde komen.
De belangrijkste inspiratiebron voor deze studie naar taal als cruciale locatie voor discussies over grenzen van religieuze en nationale gemeenschappen vormt het werk van Sheldon Pollock. Hij heeft in zijn studie van het Sanskrit laten zien dat keuzes in het domein van taal en in het domein van religie weliswaar nauw samenhangen, maar dat op veel meer verschillende en veel complexere manieren doen dan onderzoekers geneigd zijn aan te nemen. Soms helpt religie om een lokale gesproken taal tot belangrijkste geschreven en formele taal van een relatief kleine gemeenschap te maken, soms ondersteunt religie, na aanvankelijk verzet, de secularisering van wat begon als de heilige taal van een religie. Nog veel vaker lopen deze processen door elkaar heen, elkaar dan weer tegenwerkend dan weer versterkend. De religieus-talige situatie van het Midden-Oosten vormt bij uitstek een casus om de uitgangspunten van Pollock nader te testen. Hiermee zal deze studie ook bijdragen aan een beter begrip van wat modernisering in deze periode voor het Midden-Oosten betekende, onder meer omdat zowel de modernisering van zowel taal als religie vanuit in de lokale gemeenschappen werd geïnitieerd. Ten slotte zal deze studie naar taalgebruik en taalideologie bijdragen aan de ontmythologisering van schijnbaar heldere categorieën als ‘taal’, ‘ethniciteit’ en ‘religie,’ categorieën die in het Midden-Oosten en ook elders eenduidige groepsafbakeningen eerder bemoeilijken dan vergemakkelijken.
Voor een eerste korte publicatie over dit onderwerp, zie
Heleen Murre-van den Berg, "Het nieuwe Midden-Oosten: lappendeken of eenheidsworst? Historisch onderzoek naar de constructie van minderheden op basis van taal en religie," in Christel de Lange en Roos Mulder, Vijf continenten, vijf eeuwen: Vijf jaar geschiedbeoefening in het Kerkhistorisch Gezelschap S.S.S. (Leiden, 2011).
Why are the clerical scuffles in the Nativity Church in Bethlehem world news?
In my Dutch blog (see below) I started to answer this question but got side tracked in explaining why these scuffles are indeed interesting: as part of the boundary skirmishes that ritually take place before and during important events in the two major shared churches, the Church of the Holy Sepulchre (Jerusalem) and the Nativity Church (Bethlehem) in the Holy Land - at least one or two times every year, with Easter and with Christmas, during cleaning, or during processions. Once in a while all the faithful should realize how exactly the boundaries between the Armenians, Greek Orthodox and Catholic were drawn in the mid-19th c., and how these lines are still with us today.
This is interesting stuff, especially because I suspect that today's broom fight reflects some of the increased tensions over the restoration of the church, badly needed for many years, initiated by het Palestinian Authority a year or so back, boosted by their recent UN bid, and contentious among the communities that use the church. Not that they are not convinced something has to be done, but paying for repairs, as much as cleaning, may alter the rights of usage of each and everyone in the church. Who’s to pay for what and when? Some tension over these major changes is quite understandable, as is some brawling by young and eager monks ...
However, most of today’s commentators seem to have missed both its rituality and its link to current Palestinian affairs and this therefore does not explain the world wide fascination with these scuffles. Part of the fascination, of course, is the obvious tension between Christianity's ideals of peace on earth and its reality of fighting clergy - especially when the fighting is so visually satisfying with nice new brooms that seem to have been bought just for the occasion. No deaths, no seriously wounded ... we all love to watch a good fight, especially when it confirms our preconceptions about Christianity, clergy, and the Holy Land – yes, of course, it must also have something to do with the fact that it happens in Bethlehem, in the Church of the Nativity, in the week following Catholic and Protestant Christmas, in preparation for Orthodox Christmas - if a fight seems out of place, then this one, there and now.
Perhaps most importantly, the place is well-known: with Jerusalem, this is among the most visited places on earth – and even those who haven't visited, know the place from television broadcasts and countless photographs. And with the worldwide exposure and familiarity, also comes the feeling of belonging, of possession even: this church is not just any church. Rather, it is one of those few churches that belong to the world as a whole, not just to the Christians of Palestine – and as such the onlookers want a share in that church – positively or negatively. And in this, they are not so different from the clergy that started to fight this afternoon – they too represent an international community rather than a few local Christians. And this, in conclusion, furnishes yet another reason to see their fight not merely as local tensions getting out of hand, but as part of boundary skirmishes of huge international communities with high stakes in the Holy Land. Orthodox and Catholic Christians everywhere want a symbolic share in this church, a church that formed one of the reasons for the Crimean War in the mid-19th century, and that until today, together with the Holy Sepulchre in Jerusalem, constitutes one of the most powerful images of worldwide ecumenical Christianity – as was symbolically underlined today by the inevitable boundary skirmishes. And while most that posted and re-posted today's footage are not aware of all this, they unwittingly become part of this long train of global involvement in the Holy Land - for a laugh or a cry, for better or for worse.
Waarom is een klerikale vechtpartij in de Geboortekerk (Bethlehem) wereldnieuws?
Link: http://www.maannews.net/eng/ViewDetails.aspx?ID=444727
Niet echt nodig om een linkje naar het filmpje bij te voegen: elke zichzelf respecterende nieuwssite heeft op dit moment een filmpje met de monikken die elkaar vandaag in de Geboortekerk met bezems te lijf gingen. Mediageniek, dat zeker. Goed getimed, dat ook, zo in de rustige dagen tussen Kerst en Oud en Nieuw. Maar nieuws?
Schermutselingen als deze komen regelmatig voor, en halen de laatste jaren ook bijna altijd de pers, inclusief vermakelijke filmpjes. Ergens ook wel logisch: de spanning tussen het ‘vrede op aarde’ dat een paar dagen geleden nog in de katholieke vleugel van de kerk gezongen werd, en de vechtende ‘mannen van god’ die de schoonmaak uit de hand laten lopen is genoeg om het nieuws te halen: het bevestigt de vooroordelen over immer kibbelende christenen, die hun meningsverschillen niet eens op de een van de heiligste christelijke plaatsen opzij kunnen zetten. Gelukkig, denken sommigen, misschien, ze zijn net als wij. Dat laatste is inderdaad het eerste dat bedacht moet worden, voor de heilige verontwaardiging losbarst. Ja, die Armeense en Grieks-Orthodoxen monikken zijn niet veel anders dan wij, die woest kunnen worden als de buurman z’n vuil onze kant op veegt, als de nieuwe schutting net een paar centimeter verder op onze grond komt te staan, als de buurvrouw net iets te veel afknipt van onze prachtige boom die, inderdaad, ook een beetje in de tuin van buren hangt. Zoals ik leerde uit het prachtige boek van Raymond Cohen over de Heilige Grafkerk in Jeruzalem (al vaker op deze plaats aangehaald), gaat het bij deze vechtpartijen vooral om grensschermutselingen: kleine botsingen die de status quo bevestigen, de ‘Status Quo’ tussen de christelijke religieuze gemeenschappen in Palestina sinds de Krimoorlog die de precieze grenzen van het territorium van deze gemeenschappen in de betreffende kerken afbakent.
Hoewel het overgrote deel van het jaar de drie grootste kerkgemeenschappen, de Grieks-Orthodoxe, de Roomskatholieke en de Armeens Apostolische Kerk broederlijk met elkaar omgaan, is de vrede fragiel. Dit is in het bijzonder het geval in de twee kerken die door deze christenen als de allerheiligste op aarde worden gezien: de Heilige Grafkerk in Jeruzalem en de Geboortekerk in Bethlehem. Elke kerkgemeenschap beheert een heel precies afgebakend stuk in deze twee kerken, een afbakening die door de verschillende heersers over deze gebieden (Osmanen, Britten, Jordaniërs, Israëliërs en Palestijnen) nauwgezet is gehandhaafd. Iedereen had eigenlijk meer gewild, zou nog steeds meer willen hebben, maar nu gaat het er vooral om niets te verliezen, zeker niet aan een van de andere kerken. En verliezen kan op z’n minst op twee manieren: door restauraties te betalen, ook van gedeelten die niet strict tot het eigen gebied behoren (als je eenmaal meebetaald hebt, is dat stuk ook van jou), of, door het schoon te maken. Het bezemgevecht is dus geen toevalligheid: als een van de priesters per ongeluk-expres net een stukje te ver meenam, kan dat als een verregaande eigendomsclaim worden opgevat. Gezien de opwinding zal er vanmiddag wel zoiets gebeurd zijn. De rituele schoonmaak voor het orthodoxe kerstfeest is blijkbaar een geschikt moment voor dit soort schermutselingen. Gezien de camera’s en de parate politie in de kerk (meestal staan ze buiten te kletsen) kwam het ook niet geheel onverwachts – wat dat betreft was het wrschl groter nieuws geweest als er niets gebeurd was.
Op de achtergrond speelt nog iets anders, namelijk de net in gang gezette restauratie van de Geboortekerk. Deze wordt, precies om nieuwe eigendomsclaims te voorkomen, zoveel mogelijk betaald door de Palestijnse authoriteit. Het kan niet anders dan dat zo’n majeure verbouwing (die vooral het lekkende dak betreft – besef hoe ingewikkeld dat is ivm de gebruiksrechten) allerlei onzekerheid over de grensafspraken in de kerk met zich meebrengt. Wat gaat er veranderen, wie gaat wat betalen, en wat betekent dat voor de eigen aanwezigheid in deze meest heilige kerk? Ik stel me zo voor dat de veelal jonge monikken waarschijnlijk wel in de mood waren voor een robbertje vechten. Wat de aanleiding dit jaar precies was, blijkt niet uit de filmpjes. Misschien gaan we dat nog horen, maar waarschijnlijk niet. Dat het een onbenullige aanleiding was, is wel zeker. Dat het iets zegt over de uiterst complexe interkerkelijke verhoudingen, vooral als het gaat om de materiële aanwezigheid op de Heilige Plaatsen, leidt geen twijfel. En het zou zo maar kunnen dat het kwajongens zijn (ook al zijn ze ook priester of monnik) die het vuurtje van de rivaliteit gelegitimeerd een beetje opstoken, om zo de besprekingen over de restauratie weer een boost te geven en iedereen weer scherp te krijgen voor een nieuwe ronde van uiterst complexe onderhandelingen.
2012-01-20 13:05:16, 

Recent comments